Is het populisme fascistisch?

Het fascisme is een politieke stroming of regeringsvorm die democratie afwijst. Tussen 1920 en 1940 was democratie in Europa nog jong en niet vanzelfsprekend. In Nederland werd het algemeen kiesrecht voor mannen pas ingevoerd in 1917, voor vrouwen in 1919. Er waren in Nederland diverse fascistische bewegingen. In Italië regeerde het fascisme van Mussolini van 1922 tot 1943. In Duitsland kwam in 1933 Hitler aan de macht. “[De Duitse bevolking] kende de democratie pas kort en associeerde haar met het verdrag van Versailles, met voordurende kabinetscrisissen, herstelbetalingen, sociale strijd, straatgevechten en politieke moorden. Men wilde een eind aan de chaos en dus een sterk gezag.” (Hagendoorn, 1982, p. 204). Bij fascisme denk je aan een marcherende massa, achter de leider aan. In ‘De geschiedenis van het fascisme in Nederland’ uit 1934 las ik dat het fascisme zich vooral richtte tegen de democratisering van de arbeiders. Zo was bijvoorbeeld van een van de talloze fascistische organisaties, het Verbond van Aktualisten, “het doel [in 1924]: bestendiging, en herstel van de kapitalistiese machtsverhoudingen, onteigening van de staat op ekonomies gebied; ekonomiese vrijheid voor de ondernemer; politieke diktatuur voor de arbeidersklasse.” (Herman van der Goes, 1934, p. 6.) Dat zette me aan het denken.

 

Bij het woord massa denk je als vanzelf aan de arbeiders, die immers de grootste groep vormen (toen nog veel meer dan nu). Maar de massale aanhang van het fascisme in Europa kwam niet voort uit de arbeidersklasse, maar keerde zich juist tegen hen. Het fascisme was anti-marxistisch. (Zie Wikipedia en de encyclopedie van Amnesty International.) Ik heb een en ander nagezocht in ‘Het nazisme als ideologie’. “De historici en politieke sociologen zijn het er in grote lijnen over eens dat de kleine burgerij de sociale groepering of klasse is geweest die proportioneel de belangrijkste bijdrage heeft geleverd aan de nazi-beweging.” (Hagendoorn, 1982, p. 43.) In onderstaande tabel zie je dat de groep arbeiders aanzienlijk was, maar tegelijk zwaar ondervertegenwoordigd, terwijl de groepen die tot de burgerij gerekend worden, oververtegenwoordigd waren. In de verkiezingsuitslagen komt volgens de schrijver hetzelfde beeld naar voren als in de cijfers over lidmaatschap. “De verandering in de politieke strategie van de nazi’s na 1928 hield een verwijdering in van de ‘socialistische’ punten uit het partijprogramma en een duidelijke accentuering van concrete middenklasse-belangen. Het teruglopen van de arbeidersaanhang kan daarmee hebben samen gehangen en de sterke groei van de steun uit de kleine burgerij is er ongetwijfeld het effect van geweest.” (Hagendoorn, 1982, p. 48.)

 

TABEL 1: NSDAP-leden in Duitsland 1930

Het percentage NSDAP-leden in 1930 dat tot een bepaalde sociale klasse behoorde met in de kolom daarnaast het percentage dat die klasse in de beroepsbevolking uitmaakte.

Sociale klasse 1930 deel van de beroepsbevolking
Arbeiders 26,3% 46,3%
Zelfstandigen 18,9% 9,6%
Employés 24,0% 12,5%
Boeren 12,3% 20,7%
Beambten 7,7% 4,6%

(A. Hagendoorn, 1982, Het nazisme als ideologie, p. 47.)

 

Daarna dacht ik aan ‘De intellectuele verleiding’ van Frits Bolkestein. Dat gaat onder anderen ook over fascisme en nazisme en de rol van intellectuelen daarin. Ook hier weer niet de arbeiders, die de massa vormen. Uit de besprekingen van Bolkestein blijkt niet uit welke groepen de massa volgelingen opgebouwd was, na lezing van het boek kun je nog steeds denken dat de grote massa arbeiders Mussolini en Hitler volgde. Hoewel één passage in het boek enig licht werpt op dit aspect: “Marx’ medestander Friedrich Engels (1820-1895) geloofde dat tijd en aantallen aan de kant van de socialisten stonden. Dat was echter niet waar. Zeker, het kiesrecht was aanmerkelijk uitgebreid. De derde Britse Reform Bill van 1884 kende het kiesrecht toe aan vrijwel de gehele mannelijke bevolking. De massademocratie ontstond. Maar dat betekende niet noodzakelijk dat het socialisme daardoor sterker kwam te staan. Voor Engels was het onvoorstelbaar dat een dictatuur tegen links met brede steun van de massa tot stand kon komen. Toch is dat precies wat het fascisme was.” (Bolkestein, 2011, p. 169-170.)

Een dictatuur tegen links, tegen socialisme en communisme, tegen de arbeidersbeweging, tegen de democratisering van de arbeidersklasse. Voor historici zal dit bekend zijn, maar voor veel mensen niet. In de roman ‘De Tweeling’ van Tessa de Loo zegt iemand in bittere armoede: “Deze man (Hitler) gaat ervoor zorgen dat wij het allemaal beter krijgen.” En weer is er die verwijzing naar de allerarmsten. Dit soort uitspraken zullen ongetwijfeld gedaan zijn in vele lagen van de bevolking, ook in de onderste lagen, maar de suggestie dat het vooral om de laagste sociale klasse ging is pertinent onjuist. Het ging vooral om de middenklasse.
Er wordt tegenwoordig vaak en lichtzinnig een vergelijking gemaakt tussen wat men noemt het populisme van nu en het nazisme. Op grond van andere argumenten vond ik dat al onzin (en velen met mij), maar nu zie ik dat ook de aanhang van de betreffende stromingen sterk verschilt. Waar het fascisme (en nationaal-socialisme) het vooral moest hebben van de middenklasse, heeft Wilders zijn grootste aanhang juist vooral onder de laagste sociale klassen.

 

TABEL 2. Uitslag TK2012 naar Opleiding en Inkomen

(Verticaal gepercenteerd.)

TK2012 Opleiding Inkomen
Tot. Hoog Midden+ Midden- Laag Hoog Midden+ Midden- Laag
VVD 27% 30% 29% 27% 20% 47% 36% 24% 15%
PvdA 25% 26% 26% 25% 22% 19% 23% 25% 28%
PVV 10% 2% 3% 12% 20% 3% 5% 15% 11%
CDA 9% 10% 7% 10% 7% 11% 13% 9% 7%
SP 10% 3% 4% 10% 18% 0% 2% 12% 17%
D66 8% 14% 15% 5% 2% 13% 10% 5% 8%
Groen Links 2% 4% 5% 1% 0% 2% 3% 1% 3%
Overig 10% 10% 12% 10% 10% 7% 9% 11% 12%

(Maurice de Hond, 2012, Stemkeuzes TK2012 naar een aantal kenmerken.)

Ik heb er wat cijfers bij gezocht, zie bovenstaande tabel. Maurice de Hond heeft de bevolking in vier gelijke delen opgedeeld, de 25% mensen met de hoogste opleiding, de 25% mensen die qua opleiding boven de modaal zitten, de 25% onder de modaal en de 25% met de laagste opleiding. Idemdito voor inkomen. Jan Modaal zit dus in de tabel Inkomen precies op de grens tussen Midden+ en Midden-. In onderstaande beschouwing moet je bedenken dat de cijfers voor Groen Links onbetrouwbaar zijn, omdat GL bij deze verkiezingen zo klein was.
Kijk je naar opleiding, dan hebben PVV en SP een sterke oververtegenwoordiging van de laagste klasse. GL, D66 (en VVD) hebben een sterke ondervertegenwoordiging van kiezers met het laagste opleidingsniveau. (Volgorde: GLD66VVD, CDA, PvdA, SPPVV.)
Kijk je naar inkomen, dan hebben alleen VVD en CDA een ondervertegenwoordiging van de laagste klasse, bij VVD een vrij sterke ondervertegenwoordiging. Van de rest heeft alleen de SP een sterke oververtegenwoordiging van de laagste inkomensklasse. (Volgorde: VVDCDA, D66, PvdA, PVV, GL, SP.)

Als je mij zou vragen welke partijen het hardst tekeer gaan tegen Wilders (en omgekeerd tegen welke partijen Wilders het hardst tekeer gaat), dan zeg ik D66, PvdA en GL, in die volgorde. Ik had verwacht dat je uit deze cijfers ook zou kunnen afleiden dat deze drie het verst van PVV af zouden staan en dat VVD het dichtst bij PVV zou staan, maar dat blijkt niet het geval. Welke criterium je ook aanlegt, je krijgt nooit deze drie partijen aan het ene kant van het spectrum en de PVV aan de andere kant. De duidelijkste aanwijzing geeft de vertegenwoordiging van de laagste klasse, maar volgens dit criterium zie je ook dat VVD en CDA verder van PVV afstaan dan PvdA. Als het om de positionering tegenover Wilders gaat, laten deze cijfers geen andere conclusie toe dan dat de tegenstanders van Wilders allemaal een pot nat zijn, met uitzondering van SP.

Dus hoewel er grote groepen mensen uit de laagste klassen op PvdA, SP en VVD stemmen, moet Wilders het wel van deze groepen hebben. Als je het percentage stemmers relateert aan de grootte van de partij dan zie je heel scherp dat alleen bij de partijen PVV en SP de laagste helft sterk oververtegenwoordigd is. (Het is dus niet zo slim van SP om ook tegen Wilders te ageren, maar dit terzijde.)
En nu komt het. Al in eerdere blogartikelen heb ik betoogd dat de laagste klassen de meeste last ondervinden van het grootste maatschappelijke probleem dat we op dit moment kennen, de criminaliteit en overlast door allochtonen (met name Marokkanen). Daarbij heb ik ook betoogd dat de elite deze problemen niet begrijpt en niet wil begrijpen. De verklaarde tegenstanders van Wilders doen alles om hem in de wielen te rijden. De PVV wordt gediscrimineerd in de tweede kamer, burgemeesters doen aangifte tegen Wilders, enz. Het liefst zou men de PVV buiten de democratie verklaren. In woorden doet men dat al: de PVV zou niet democratisch zijn, de democratie ondermijnen en wat niet al meer. We zien hetzelfde patroon als in de jaren 1920-1940. Er is een groot maatschappelijk probleem. Toen was dat de bittere armoede, die al bestond in de jaren ’20 en waar bovenop nog de klap van de Amerikaanse beurskrach van 1929 kwam. In Duitsland was het het ergst door de opgelegde herstelbetalingen. Nu is het grote probleem de niet-geïntegreerde allochtonen en de massa-immigratie. Zowel toen als nu zijn het de arbeiders die daar de meeste last van ondervinden. En zowel toen als nu zijn het de middenklassen die zich keihard verzetten tegen de rechten van die arbeiders. De situatie is nu totaal anders dan toen, het verhaal is anders, de argumenten zijn anders, maar het onderliggende patroon is hetzelfde. De arbeiders vragen aandacht voor hun nood en de middenklassen reageren daar despotisch op. Zij verzetten zich meedogenloos tegen de stem van de arbeider. Bij het fascisme en het nazisme was het de middenklasse en nu bij de bestrijding van Wilders is het de middenklasse. Het zijn, zeg maar, de mensen die zichzelf heel wat vinden, maar niet aan de top staan. Of iets vriendelijker geformuleerd: het zijn de mensen die wat bereikt hebben in de maatschappij en bang zijn dat te verliezen. Toen was het argument dat arbeiders geen verstand van democratie hadden, nu is het argument dat arbeiders xenofoob zijn. De overeenkomst tussen de argumenten van toen en nu is duidelijk: arbeiders zijn dom en weten niet wat goed voor hun is. De politiek-correcten zijn de fascisten van onze tijd. Toen werd de dictatuur officieel gevestigd, nu is de dictatuur meer onderhuids. Officiëel is er vrijheid van meningsuiting, maar er is een sterke sociale druk om niet tegen de heersende mening in te gaan. Mensen die zeggen op Wilders te stemmen, kunnen hun carrière wel vergeten. Ze worden weggezet als fascist. Ze worden in zekere zin paria’s. Na W.O. II is het niet meer geaccepteerd om openlijk voor afschaffing van de democratie te pleiten. Dat deden zelfs de leiders van de Sovjet-Unie niet. Die zetten verkiezingen in als propagandamiddel, zowel in de Sovjet-Unie zelf als in de oost-Europese satellietstaten. De Deutsche Demokratische Republik had zelfs de democratie in haar naam staan. De dictatuur werd ontkend, en zo is het nu ook. De politiek-correcten ontkennen dat er een dictatuur heerst, maar die is er wel degelijk.

 

 

Bronnen

Goes, H. van der. (1934). Geschiedenis van het Fascisme in Nederland. Het Fundament, jaargang 1 (nr. 5), pp. 1-16.
Het Fundament was een “onafhankelijk tijdschrift voor politiek, economie, cultuur en literatuur”. Het was in de eerste jaargang van plan om “400 pagina’s (± 18 nummers)” te produceren. De oplage is mij niet bekend.

Hagendoorn, A. (1982). Het nazisme als ideologie [Een socio-psychologisch onderzoek naar de bepaaldheid van politiek gedrag].

Bolkestein, F. (2011). De intellectuele verleiding [Gevaarlijke ideeën in de politiek].

Hond, M. de. (2012). Stemkeuzes TK2012 naar een aantal kenmerken.

Amnesty International. Fascisme en mensenrechten

Wikipedia. Fascisme

 

Advertenties

3 thoughts on “Is het populisme fascistisch?

  1. Pingback: Over socialisten die maar al te graag de wet voorschrijven – P. van Lenth

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s